Bijen & Hommels

Bijen en hommels zijn kleine, zoemende insecten die nauw aan elkaar verwant zijn. Allebei horen ze bij dezelfde diergroep en leven ze van nectar en stuifmeel uit bloemen. Toch zijn er ook verschillen: hommels zijn meestal ronder, hariger en vaak wat groter, terwijl bijen slanker zijn en soms minder behaard lijken. Samen spelen ze een belangrijke rol in de natuur. Door van bloem naar bloem te vliegen, helpen ze planten om zaden en vruchten te maken. Zonder bijen en hommels zouden veel bloemen, planten en ook een deel van ons voedsel, zoals fruit en groente, niet goed kunnen groeien. Daarom is het belangrijk om goed voor deze nuttige dieren en hun leefomgeving te zorgen.

Bijen en hommels in het dagelijks leven

Bijen en hommels leven in goed georganiseerde volken. Honingbijen wonen meestal in bijenkasten of holle bomen, met een koningin, duizenden werksters en enkele darren. Veel hommels en wilde bijen maken juist kleine nesten in de grond, in oude muizenholletjes of in holle stengels. In elk nest heeft iedereen een taak: van poetsen en bouwen tot het verzorgen van het broed.

Voedsel zoeken doen ze door bloemen te bezoeken voor nectar en stuifmeel. De nectar is hun energiebron, het stuifmeel levert eiwitten voor de larven. Bijen onthouden goede voedselplekken en kunnen er gericht naar terugvliegen. Honingbijen vertellen elkaar zelfs waar bloemen staan via een speciale ‘bijendans’, waarbij de richting en duur van de dans aangeven hoe ver en in welke richting de bloemen te vinden zijn.

Bestuiving gebeurt bijna vanzelf terwijl ze foerageren. Wanneer een bij of hommel op een bloem landt, blijft stuifmeel aan hun behaarde lijf en poten kleven. Bij het volgende bloembezoek komt een deel van dat stuifmeel op de stamper van een andere bloem terecht. Zo worden bloemen bevrucht en kunnen er zaden, vruchten en noten ontstaan. Zonder deze stille helpers zouden veel gewassen en wilde planten nauwelijks vrucht dragen.

Er zijn veel leuke weetjes over deze insecten. Hommels kunnen dankzij hun dichte vacht en trage, krachtige vleugelslag ook bij kouder en bewolkt weer vliegen. Sommige hommels gebruiken ‘buzz-bestuiving’: ze trillen met hun spieren zodat stuifmeel als een wolkje uit de bloem loskomt. Honingbijen hebben speciale ‘stuifmeelkorfjes’ aan hun achterpoten, waarin ze felgekleurde klompjes stuifmeel verzamelen. En een bij kan honderden bloemen per dag bezoeken.

Let tijdens een wandeling eens bewust op bijen en hommels: welke bloemen bezoeken ze, waar vliegen ze heen en hoe gedragen ze zich? Plant in je tuin of op je balkon drachtplanten, maai een stukje gras minder vaak en laat kale plekjes grond of oude stengels liggen als nestplek. Zo help je deze onmisbare bestuivers en draag je direct bij aan een gezondere, bloeiende leefomgeving.